Uit het hoofd, vanuit het hart

De afgelopen weken heb ik me in een wachtende toestand bevonden.
Het deed me denken aan dat ik ooit met Ruben bij een bushalte in Berg en Dal stond, terwijl we ons later pas realiseerden dat de dienstregeling waar we op gerekend hadden, ingehaald werd doordat het zondag was, wij voor niets gewacht hadden en het desondanks met nog meer wachten verlengden, tot onze bus uiteindelijk wel kwam. Gelukkig waren onze frappuccino’s bij Starbucks nog even zo koud, totaal van ons ontdaan en niet bezig met enig besef van tijd.

De wachtstand heeft iets charmants over zich. Mits goed uitgevoerd, hoop je kennelijk op beterschap en ben je de oude situatie al deels ontstegen, zelfs als dat in werkelijkheid niet zo is. Je leeft al daar en daar is niet langer hier. Dat kan bevrijdend werken, zolang je niet de essentiële dingen mist die het leven van nu aangenaam maken.

Dag in, dag uit ging ik achter mijn schrijfbureau zitten, waar alle magie moest plaatsvinden. Door mijn afgenomen fysieke gezondheid, bleef het verlichte scherm dat zich voor mij bevond vaker wel dan niet ontdaan van woorden, slechts een leeg vel papier. Morgen weer een dag. En zo leefde ik van moment naar moment, waarbij het wél lukte. Dat was voldoende; het zichtbare gat van leegte dat gevallen was, onmiddellijk opgevuld door het geschreven stuk dat wél succesvol was ontstaan, dat me de tevredenheid schonk die ik al die tijd gezocht had. Ik leefde van de plus, niet van de min.

Autobiografisch schrijven, waarbij je werkt met de werkelijkheid, hield voor mij in dat ik daadwerkelijk ergens naar onderweg was. Je volgt een bepaalde koers, die concreter was dan de woorden suggereerden. Maar wel op mijn manier. En zo kwam het dat, waar een ander aandroeg een fuck you-boek te maken, de drie uiteindelijke regels die ik daaraan gewijd heb, al meer zeiden dan een heel boekwerk. Eenmaal ontdaan van de eindbestemming, van dat wat je onderliggend wilde vertellen, beleefde ik in stilte de gelukzaligheid van de weg zelf, die daardoor vele malen interessanter werd en veel meer tot zijn recht komt.
De door mij beschreven mensen spreken weer voor zichzelf, in al hun oprechte glans en glorie, zonder dat zij nog moeten voldoen aan een totaalbeeld dat verteld moet worden. Met deze verschuiving zijn zíj het totaalbeeld geworden! Dat voelt heel puur en natuurlijk. Hen te beschrijven, nodigt mij als schrijver, met veel meer gevoelde inspiratie, meer uit. Ontdaan van het einddoel, zijn zij dat onlosmakelijk geworden, wat me tevens in staat stelt ze te beschrijven op een bijna fictieve, magische manier, nog steeds werkend vanuit niets anders dan slechts de werkelijkheid. Dat is wat het zo wonderlijk maakt; het is en blijft de werkelijkheid die echt tot leven komt.

Ik heb altijd het liefst een situatie zo beeldend mogelijk beschreven. Zat dat uiteindelijk niet in het verhaal, was ik daarna toch wat teleurgesteld, al uitkijkend naar het volgende verhaal met een nieuw te grijpen kans.
De momenten waarop ik hen kon vatten, met niet de website maar boekvorm als bestemming, leefde ik al schrijvende op van het resultaat dat al snel vorm kreeg. Het voelde alsof ik dit niet langer alleen deed, maar plots met hen aan mijn zijde, in al hun volwaardigheid.

Voor mijn 34e verjaardag heb ik laatst een groot en geweldig cadeau gekregen. Mijn moeder heeft me de drukkosten voor mijn eerste te drukken boek cadeau gedaan! Iets waar ik ontzettend naar uitzie. Gedrukt papier zal het altijd winnen, boekvorm grenzeloos.

Na acht jaar autobiografisch schrijven, heb ik laatst iets nieuws ontdekt: het schrijven van fictie. Hoe heerlijk het is om jezelf buiten het canvas te plaatsen, waarbij je jezelf weer verwondert over wat je schrijft, een nieuwe wereld die zich woord voor woord ook aan mij ontvouwt als iets dat zo-even nog niet bestond.

Tegelijk speelt mijn werkelijke leven zich inmiddels al maanden meer vanaf mijn bank af. Tot voor kort deed ik telkens en opnieuw moeite om achter mijn bureau plaats te nemen. Schrijven vanaf mijn bank gaat me minder af. Maar ook daar ben ik tegenwoordig ingehaald door een passie die zich, in tegenstelling tot schrijven, uit mijn hoofd bevindt: het vastleggen en vervolgens bewerken van mijn bewegende camerabeelden betreft iets dat zich, tot mijn eigen geluk, niet laat leiden door het meubelstuk dat je daarvoor gebruikt. Als mijn energie op zijn laagst is, stelt deze kunstvorm mij in staat dat dagelijks ook geheel liggend te doen, iets waar ik met mijn ME heel blij van word!

Dat ik op een manier kan schrijven die bijna fictief is met evenveel verwondering, zorgt ervoor dat ik het autobiografisch schrijven zeker niet afschrijf; het voelt zelfs, na het verliezen van het hoofddoel, alsof dat nu pas echt staat te beginnen! En er ruimte is gekomen voor hernieuwd schrijfplezier, de woorden die hun eigenlijke betekenis overstijgen, meervoud vanuit eenvoud. Zo heb ik het bedoeld, denk ik als ik tegenwoordig schrijf. 

Na acht jaar schrijven voelt dit niet als slechts meer van hetzelfde, maar als het daadwerkelijke begin, van gedrukte woorden op papier, al wetende dat zij daar thuishoren, gesterkt door de al geschreven hoofdstukken die mij prikkelen verder te gaan daar waar het verhaal verder gaat, zij het verhaal als vanzelf vertellen en mijn pen die vanaf nu meer dan ooit zijn eigen weg vindt. Elk verhaal dat op zichzelf is komen te staan en veel beter tot zijn recht komt, alsof het altijd zo gehoord heeft; nog altijd niets minder dan de waarheid.

Zo ontstaat er vrijwel ongemerkt veel meer eenheid tussen de kunstdisciplines. Het opnemen van mijn pianospel zal het bewegend beeld dienen, voorlopig ontdaan van spanning gevoeld door mijn oorspronkelijke plan; samenspel met een onbekende. 
Het beeld voor beeld werken met bewegend beeld ontstijgt het werken met mijn hoofd, waarbij een leeg vel papier niet langer compleet gevuld hoeft te worden, maar ik al werk met wat zich voor mijn lens aandient. 
Het fictie schrijven ontstijgt de werkelijkheid, zoals alleen fictie dat kan; terwijl het autobiografisch schrijven juist levendiger geworden is dan ooit, ontdaan van het hoofddoel, maar met de weg als bestemming, dichter bij fictie dan ooit tevoren. 
Kort gezegd: de magie is meer dan ooit voelbaar in mijn schrijven, ongeacht welke vorm ik ook hanteer.

En wanneer er niet gefilmd kan worden, is er een ware bibliotheek aan eerder geschoten materiaal. Zoals dat ook voor het schrijven geldt; het lezen van literatuur en schrijfboeken als mijn pen even uitrust, de manier om er toch volop mee bezig te blijven.

Uit het hoofd geldt hier, inclusief mijn vernieuwde schrijven, voor alle vormen, van muziek tot beeldend; vanuit het hart geraakt worden door mijn creatieve passies die met mij meebewegen. Dat geeft me aanzienlijk veel geluk en levensenergie. 

De wachtstand, de bushalte en de frappuccino’s ruimschoots ontstegen…
Er blijkt toch veel mogelijk vanaf mijn eigen bank, niet langer ingeperkt door een aanzienlijk mindere fysieke gezondheid, maar diezelfde bank juist als enige voorwaarde van waaruit alles ontstaat en tot zijn recht komt, als had het altijd zo gehoord.

Je dagelijks opnieuw afvragen waar je nieuwsgierigheid en welgemeende interesse nu naar uitgaan, met disciplines die je al prikkelend blijven roepen, als ware het nog volledig nieuw; dat is geen eeuwige wachtstand. 

Mijn bank is niet langer de tijdelijke noodgedwongen rustplaats, waarbij alle creativiteit stil komt te liggen, maar de broedplaats van waaruit leven vanuit creativiteit toch nog mogelijk is gebleken; bovendien gesterkt door onze lieve poes Snuutje, die trouw naast mij ligt en maar wat graag de leuning warm houdt.

Wanneer ik doe wat ik het liefste doe en creatieve dromen werkelijkheid worden, blijkt alles mogelijk te zijn, en dat maakt me heel gelukkig.

WIL JE MEER?

Meld je aan om vanaf nu meldingen van mijn nieuwste posts in je inbox te ontvangen!

Delen:

Geef een reactie

Ontdek meer van Remi Cornelissen

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder