Seven pics, just six

Severine wil je 6 foto’s sturen. Accepteren?
Accepteer.
“Wat is dat?”, vraag ik haar.
Ik krijg geen antwoord.
“Delete them afterwards, okay?”
Algauw zou ik willen dat ik ze nooit ontvangen had.
Een halfuur later zeg ik “Done”, terwijl ze me aankijkt via haar webcam.
“Nu al? Nette jongen”, zegt ze. Ik zie dat het haar niet zint.
De spanning bouwt zich op door mijn gelatenheid.
Ik lach triomfantelijk. Zij kan haar frustratie geen enkel moment verbergen.
We blijven elkaar zien zonder met elkaar te praten, tot we twee uur verder zijn en het zes uur ’s avonds is.
“Waarom stuurde je me die foto’s, Severine? Je hebt me eerder vandaag laten zien dat je verloofd bent en ik weet dus van de ring om je vinger”.
“Vond je het niets dan? Heb je niet genoten?!”, bijt ze me boos toe.
“Nee, ik heb niet genoten”, zeg ik haar eerlijk.
“Meneer heeft niet genoten”, herhaalt ze met overduidelijke afschuw.
Zonder een woord te zeggen blijven we elkaar zien, een eeuwigdurende periode, waarin ze me doodt met vijandige blikken. Iets wat in gradatie toeneemt naarmate de avond vordert.
Het wordt later en later, tot het moment dat ze vraagt:
“Waarom niet? Waarom deed het je niets?”
Waarop ik vraag: “Je wilt het echt weten?”
“Ja, dat wil ik echt weten”, zegt ze geïrriteerd, klaar om weer uit te barsten.
“Er is iets met die foto’s”, antwoord ik. Zonder een stilte te laten vallen ga ik verder:
“Ik heb genoeg van je gezien en gelezen om te weten dat jij intelligent bent.
En ik heb sterk het idee dat je mij die foto’s nooit als vanzelf zou sturen.
Je hebt het niet nodig, snap je? Je bezit een zekere klasse.
En dat weet jij net zo goed als ik. Het is je bedoeld als wraak”
Ze leest het tweemaal en kijkt me onderzoekend aan.
Ik heb haar ego geraakt door datgene wat ik niet benoem.
“Fuck you!!!” is haar antwoord.
Toch blijven we elkaar zien en het lukt me om geheel te ontspannen, terwijl de tijd verder tikt.
“Ik wil je helpen”, zeg ik als al mijn gesprekken met anderen beëindigd zijn en het al na middernacht is.
Mijn hulp is niet gewenst. “Ik wil er zelf achterkomen”, zegt ze me heel duidelijk.
De waarheid is dat ik de volgende uren niets anders doe dan slechts haar blikken beantwoorden, waaruit, zo hoop ik, mijn oprechtheid blijkt.
Dat doe ik vier uur lang. Het is 4:15 uur als ik vind dat ik genoeg pogingen gedaan heb.
“Severine, ik ga nu.
Misschien heb je gelijk en heb ik me inderdaad als een dwaas gedragen.
Begrijp me niet verkeerd, morgen een nieuwe dag om je alsnog te helpen.
Maak je niet druk, dat is niet nodig. En slaap lekker”
Ik sta op, doe het licht uit en loop weg, zonder mijn computer te sluiten.
Het geluid staat nog aan. Ik schrik me een ongeluk.
“Remi
Wacht!
Je hebt gelijk!
Niet weggaan!!!
Ik wil je hulp!”
Achteraf gezien kan ik je toevertrouwen dat ik van elk geluidje, veroorzaakt door het ontvangen bericht, genoot.
Ik loop terug naar mijn computer.
“Je wilde me iets zeggen?”, zeg ik, zonder me op te willen dringen.
Ze denkt even na. “Ik kan het je niet zeggen. Ik heb denk ik meer nodig”
“Dat geeft niet. Ik zal je helpen. Vraag me hoe ik weet wat jij weet”
Onze blikken versoepelen bij elk vertrouwder bericht.
“Hoe weet je wat ik weet?”, vraagt ze.
“Je stuurde me zes foto’s. En ik zeg dat het er zeven zijn”
Ze leest en herleest mijn berichtje vol ongeloof, antwoordt dan:
“Het zijn er zes”
“Het zijn er zeven”, vervolg ik.
Haar gezicht vertoont opnieuw dezelfde eerdere vijandigheid.
“Ik speel geen spel met je en ik zal je echt helpen”, zeg ik.
Ze denkt na.
“Waar is je vriend nu?”, zeg ik na enkele minuten.
“Hij werkt in het leger en komt over een maand pas thuis na een afwezigheid van een halfjaar”
“Dat zal vast moeilijk voor je zijn”, zeg ik.
Kort antwoordt ze “Ja”, al spreekt haar ditmaal treurige gezicht van een veel langer nog treuriger antwoord.
“Zeven foto’s. Denk na. Wil je echt geen hulp?”, zeg ik.
“Maar het zijn maar zes foto’s”, spreekt ze me wanhopig toe.
Van haar boosheid is niet langer sprake.
“Laat me je helpen, Severine. Alsjeblieft”
“Oké, maar ik wil er zelf achterkomen”
“Dat is goed, daar weet ik wel iets op!”
Voor de eerste keer sinds vanavond lacht ze naar me.
“Ik schrijf stellingen op. Wacht, ik laat het je zien”
Het zat zo in elkaar dat ik haar een gegeven voorstelde, gevolgd door
Helemaal niet – niet – een beetje en helemaal wel.
Ze hoefde op deze manier niet langer in volzinnen te antwoorden, maar gaf met elk klein antwoord dat ze me gaf uiteindelijk wel een volwaardig, volledig antwoord.
Ze raakte daarmee vertrouwd toen ik erachter kwam dat ik iets vergeten was.
“Wat is dat???”
Op haar scherm bevonden zich een wit tabletje en iets wat overkwam als een pakje drinken, de dingen die ik voor mij zag staan.
“It’s just me, my food and my Prozac”, antwoordde ik.
“Je eten??? In een pakje? En Prozac???”
Ik moest meteen mijn buik laten zien.
“Jij moet echt meer eten!”
“Kunnen we nu verdergaan? Ik wil ook nog even slapen”, zeg ik gapend.
De uitkomst was dat er inderdaad zeven foto’s waren, waar ze zelf achter kwam.
Zes seksuele foto’s nam haar vriend mee tijdens zijn afwezigheid, mogelijk om trots aan zijn maten te laten zien.
Severine had inderdaad aangedrongen op “slechts” een zevende normale foto van hun samen. Die foto had, zoals ik voorspelde, minder zijn aandacht gehad.
Op de zes foto’s die ik ontvangen en gezien heb is ze door haar vriend verkracht.
Ze voelde zich misbruikt en niet langer zeker van hun huwelijk.
Toen ik vroeg of het pijn had gedaan met dezelfde vier klare antwoorden, zei ze:
“It fucking hurt!!! And I was bleeding. I was so worried…”
Ook klopte het dat ze dit niet met haar vriendinnen kon bespreken, bang om hun eigen al geplande huwelijk te schande te brengen.
Severine was streng christelijk opgevoed in een minuscuul, Noors, beangstigend dorpje waar ik de bibbers van kreeg.
Ze was erg blij dat ze het met mij kon delen en midden in de nacht stelde ik haar gerust, onder meer door te zeggen dat we voortaan samen leuke dingen gingen bespreken, zoals het uitkiezen van de perfecte trouwjurk en alvast alle andere voorbereidingen voor hun bruiloft, zelfs al zou die nog een paar jaar duren.
Ik zei dat ze niet moest vergeten te genieten van zoiets moois en dat mannen klootzakken zijn.
Daar moest ze om lachen. Het was erg aandoenlijk.
Heel even was ze voor mijn ogen niets geweest. Kwetsbaar.
Het ging niet eens om of ze daadwerkelijk verkracht was, al was dat duidelijk zichtbaar op de zes zeer harde foto’s.
Het ging om dat zij dat zo voelde.
Het was, zo zei ze, fijn om het eindelijk met iemand te kunnen delen die niet oordeelde.
Blij met deze uitkomst zette ik midden in de nacht muziek op.
She’s So High van Kurt Nilsen, die ik tot haar verbazing kende, schalde over de speakers.
Heel even was ik vergeten dat ik niet alleen was in het huis.
Een deur gaat open. Mijn vader komt in het donker de trap af. Ik was in een gelukkige stemming, waarbij ik iets zei als: “Zo, jij bent kennelijk vannacht nog niet aan de beurt geweest!”
En terwijl Severine achter een glazen deur op me wacht, terwijl mijn microfoon aan staat, waardoor ze er actief deel van uitmaakt, ontvang ik onmiddellijk een harde klap in mijn gezicht. Ik vond het wonderlijk dat het me lukte die deels op te vangen, wat ook op mijn onverwoestbare gezichtsuitdrukking te zien moet zijn geweest, als de eerste klap gevolgd wordt door een nog hardere tweede klap, opnieuw in mijn gezicht. Ik weet niet meer waardoor ik tegen werd gehouden, het lukte niet opnieuw te wijken, maar deze was echt vol. Ik ben nog nooit zo hard geslagen en het deed echt wel zeer. Zonder iets te zeggen, vooral blij dat er geen derde klap volgde, ging ik terug naar de kamer waar Severine op me wachtte.
“Oh mijn god, oh mijn god! Wat was dat???”
“Dat was niets”, beweerde ik.
“Remi! Ik heb alles gezien door het glas.
Een schim, een man, waarschijnlijk je vader, die voor je stond en dat geluid…
Ik ben er akelig van! Hoe gaat het met jou???”
Duizelig en met een zwaar gevoel probeer ik mijn hoofd te bewegen.
Wat volgt is een enorm gekraak, gevolgd door een lopende bloedneus, waardoor mijn hele mond onder zit, inclusief mijn tanden, die rood kleuren.
Severine, die dit als eerste aanschouwt, is buiten zinnen van bezorgdheid.
“Het gaat prima. Ik ga even mijn gezicht wassen”, zeg ik.
“Waar ga je dat doen??? Toch niet boven, hè! Blijf hier!”
Ik ben gebleven en zij is daarna erg lief voor me geweest.
“Een depressie… Mijn depressie… treft een heel gezin, al twee jaar lang”, legde ik haar uit.
Ik nam het mijn vader niet kwalijk.
Zij dacht hier anders over, wilde er ook voor mij zijn en mij ook helpen, zoals ik haar die nacht had geholpen.
We spraken af elkaar de komende drie weken te helpen, tot haar vriend de week erna terug zou zijn, al wilde zij het liefst dat we tot één dag ervoor in contact bleven met elkaar. Ze is me die nacht leuk gaan vinden, dus dat wilde ik niet.
Ze bood zichzelf aan. “Wat wil je van me zien? Ik wil iets terug doen”
In eerste instantie bedankte ik haar vriendelijk.
Toen ze bleef aandringen, zei ik: “Je buik”.
“Niets anders?”, vroeg ze. “Nee, dat is voor je vriend”, zei ik.
“Ik gun het jou meer, dat begrijp je toch inmiddels!”
Later strikte ze me alsnog. Terwijl ze camde met haar vriend was ik zogenaamd weer nodig om haar te helpen. En toen heb ik werkelijk alles van haar gezien.

Dit gesprek is het meest spannende gesprek geweest dat ik ooit met iemand gevoerd heb, met een wirwar aan emoties. Dat vonden wij toen ook, dus bedacht ik een oplossing. Ik plugde mijn digitale piano in de microfoon-poort.
Alles wat ik speelde kreeg zij te horen. Zelf hoorde ik niets, al kon ik haar wel horen via mijn hoofdtelefoon.
Ik speelde She’s So High, puur op gevoel. En ineens begon ze voor het eerst tegen me te praten!
Ze bleek te kunnen zingen en zong supermooi de lyrics in mijn oren, terwijl zij mijn pianospel hoorde.
Ook kon ze het niet laten dingen te zeggen als: “I want to make love to you, tonight”.
Ik kreeg het daar warm van.
Precies om vier uur ’s middags, 24 uur na de start van ons gesprek, besloten we te eindigen en naar bed te gaan, nadat we samen een nacht hadden overgeslagen en die dag beiden school hadden gemist.

De weken erna waren zo belangrijk voor me.
Severine deed echt moeite me te begrijpen en ze snapte waarom ik ongelukkig was.
Met als hoogtepunt: haar oplossing voor mijn ongeluk.
Op school voelde ik me zeer ongelukkig om meerdere redenen, dus ontving ik van haar pagina’s die ik vooraf moest printen en meenemen zonder te kijken. De eerste las ik op het toilet op school. Het betroffen stuk voor stuk prachtige brieven, waarin ze me liefdevol begeleidde bij mijn dagelijkse struikelingen!
De tweede van de volgende dag las ik in de rustruimte, met de deur op slot.
Met die gelezen brief in mijn hand pakte ik mijn rust.
Helaas werd de deur abrupt opengemaakt door de conciërge.
“Wat heb je daar?”, zei hij, duidelijk met bijbedoelingen, zoals hij die altijd bij mij had.
Geen nood. In één van haar brieven stond hoe ik daar voortaan op moest reageren.
Ik ging voor hem staan en schreeuwde zo hard mogelijk: “Wat is jóuw probleem?!”
Het werkte. Het werkte zo goed.
Ik voelde me zoveel sterker nu ik op onze manier niet langer alleen was.
Ons afscheid viel dan ook zwaar, zelfs al was die datum al bekend.
Het was niet langer mogelijk daar puur rationeel mee om te gaan.
Zij zou over een paar jaar trouwen, dat was zeker. Met wie, dat ook.
Maar dat viel van mij niet te zeggen. Waar zou ik over zoveel jaar staan?
Ik had het zó nodig, het contact via die brieven, het chatten en het mailcontact dat ik ook op school met haar had.
Ze wilde me graag blijven zien, daar lag het niet aan.
Ik kon het niet. Dat heb ik haar eerlijk gezegd.
Ik was te aan haar gehecht geraakt, al was ik niet verliefd.
Zij was dé oplossing voor mijn ongeluk en eenzaamheid.
Een plan op maat voor mij, dat zichtbaar had gewerkt.
Ik was bang voor het verdere verloop, dat, naar mijn idee, slechts minder zou worden.
Ze respecteerde mijn standpunt, al probeerde ze dat tevergeefs te ontkrachten.
De datum naderde. Dagen ervoor minderden we door elkaar nog slechts een fijne dag te wensen. Zij deed dat altijd met veel hartjes. Tot het moment dat we nog slechts voor elkaar online te zien waren. En op de afgesproken dag was ze weg, niet vóór mij nog eens tien keer bedankt te hebben. Ze drukte me op het hart dat betere tijden voor mij zouden komen en zelfs: dat ze wel met mij had willen trouwen. Het woordje “liever” ontbrak, maar dat was goed te lezen tussen haar woorden door, na alles wat ze me al had toevertrouwd.
En dus ging mijn leven door. Dezelfde ellende. Hetzelfde lege gevoel.
Al was dat niet helemaal waar: nog een halfjaar heb ik geteerd op het contact dat we gehad hadden.

Dit stuk is me volledig door haar geschonken. Toen al de wens om schrijver te worden, toen we beiden zestien waren.
Het enige stuk waar ik werkelijk alles mee mocht doen. Ik moest zelfs haar volledige naam gebruiken, al gebruik ik nu liever die van mijn waterkoker…
Je mag die natuurlijk altijd komen bewonderen!
Kortgeleden heb ik Severines bruiloft gezien die op YouTube staat.
Is dat de bewuste jongen?, vroeg ik mij af.
Er werd op camera niet gekust. Dat mocht kennelijk niet van God.
Ik moest daar, op een integere manier natuurlijk, wel om lachen, weet hebbend van de eerdere bittere, zeer brute waarheid.
“Mannen! Het zijn klootzakken”, herhaalde ik lachend binnensmonds.
Inmiddels hebben ze samen een kindje.
Haar zwangerschap in foto’s heb ik ook al eerder gevolgd.
Een volwaardig gezinsleven. Dat had ik ook wel graag gewild.
Een heel avontuur van jaren dat goed is geëindigd, waar ik op mijn manier onderdeel van ben geweest.
Nu mijn eigen leven nog.

She’s So High, Kurt Nilsen

Delen:

Ontdek meer van Remi Cornelissen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.