De overdracht van het geluid

“Dit is het verhaal van… De Bokkerijders”, zo sprak de donkere stem van Joost Prinsen elke zomervakantie opnieuw. Het maakte niet uit hoevaak ik hem mij griezelig hoorde toespreken; hoevaak ik dit verhaal ook maar hoorde, bleef het zijn spanning behouden, waarbij mijn ouders die naast mij in de auto zaten, even hard met mij mee griezelden. Wat wel wisselde, was het volgende: we waren namelijk niet alleen. Mijn broertje, acht jaar jonger, bevond zich naast mij op de achterbank. Als hij op dat moment sliep, speelden we het enge verhaal dat zich op cassettebandjes bevond via de luidsprekers van de auto af, wat mijn voorkeur had. Was hij echter wakker, werd ik veroordeeld tot de walkman en de fluffy hoofdtelefoon en was ik noodgedwongen werkelijk alleen met het enge verhaal… “Remi, Remi, we stoppen even voor een chocoladebroodje”, die onderbreking werd een godsgeschenk.

Wat daarna volgde was mijn eerste eigen apparaat: de discman. Je had twee soorten discmans: een discman die wel je eigen gebrande cd’s af kon spelen en een die dat niet kon. Eigenlijk wist je op dat moment pas wat je bezat als je geluid hoorde van je eigen gemaakte cd. Magisch was het om je eigen nummers te kiezen, iets waar ik al heel vroeg handig mee was. De pech zat hem echter in de volgende situatie: ik zat bij oma met mijn discman en mijn oortjes in. Oma vroeg zich zichtbaar af of er nog contact met mij te krijgen was, terwijl je stiekem vanbinnen glimlachte. Totdat je vader vraagt of hij even af kan en op dat moment gelijktijdig de batterij van de discman leegloopt…

Daarna had je mijn favoriet: de iPod met de bekende witte oortjes. Typerend voor die witte oortjes was het gegeven, je had het ter plekke zelf niet in de gaten: ze lekten alle geluid.
Dat resulteerde in dat iemand je onverwachts aanstootte en zei: “Wat heb je hem hard staan! Ik kan alles horen!”. Vervolgens, begrijpelijk, was je eerste geschrokken reactie: “Jezus hé! Wat praat je hard! Je hoeft niet zo te schreeuwen, ik hoor je zo ook wel!”.

Sindsdien hebben dingen zich geëvolueerd: naast dat consumentenhoofdtelefoons en oortjes nu draadloos zijn, lekken ze vaak ook geen geluid meer. Dat is fijn voor de rust van opa, maar wat opa niet weet als hij zijn kleinkind probeert te contacten, is dat die technologie vaak ook als een snufje vanbinnen zit!
De luisteraar, in dit geval het kleinkind, wil u in de directe omgeving ook niet meer horen!

Deze technologie vind je ook o.a. bij radiomakers en artiesten.
Het zou vervelend zijn als je, terwijl je naar de radio luistert, de radiomaker niet meer ongestoord zou kunnen horen, doordat je gehinderd wordt door wat de radiomaker hoort via zijn hoofdtelefoon. Daarom zijn deze studiohoofdtelefoons altijd gesloten. Zo geldt dat helemaal voor artiesten. Kijk naar de beelden van de radio van de BBC: alle artiesten dragen de identieke hoofdtelefoon die enerzijds de artiest een beetje geluid geeft, de geluidsband om op in te zingen en anderzijds ook weer niet te veel, want anders zou je dat als luisteraar op de zangopname horen, waardoor elke opname volledig onbruikbaar zou worden.

Als de technologie inmiddels zo toereikend is, dan zou je mij logischerwijze de vraag kunnen stellen waarom mijn favoriete hoofdtelefoon een hoofdtelefoon betreft die toch ontzettend veel geluid lekt. Dat zal ik je zeggen: omdat dat het geluid bijzonder ten goede komt.
Ik bezit namelijk een studiohoofdtelefoon die semi-open, dus half open is. En hoewel dat in eerste instantie raar op je over moet komen, brengt deze hoofdtelefoon op deze manier alle geluid tot leven!
Live instrumenten weerklinken prachtig in de oorschelpen,
zoals klassiek en akoestisch waanzinnig mooi uitkomen.
Zo luister ik bijvoorbeeld heel graag naar André Rieu,
The Second Waltz wordt via deze hoofdtelefoon een waar feestje!
Je hoort alle details en er is sprake van, zoals ze dat noemen, soundstage.
Het is door de half open constructie mogelijk via de lucht de instrumenten te positioneren,
zoals je dat zou horen als je voor een podium stond. En een vioolsolo is daardoor echt een solo.
Bijzonder adembenemend om naar te luisteren, zoals ik deze hoofdtelefoon al vele meer dan tevreden jaren heb, maar hij me nog absoluut nooit heeft verveeld.
Hoewel ik niet in staat ben een live concert bij te wonen, vormt dit werkelijk de beste troost.

Als ik naar André Rieu luister, dan denk ik niet slechts aan zijn mooie muziek.
Ik heb een deel van zijn familie namelijk zelf gekend!
De kinderen van zijn broer en het hele gezin heb ik op vakantie meerdere jaren mogen ontmoeten, ik was met ze bevriend en heb nog nooit zulke leuke, echte, spontane mensen meegemaakt.
Dat hield vervolgens nog even aan via MSN, maar het vormde vooral een grote teleurstelling.
Iedereen die je al kende en die je nog zou leren kennen,
ze vielen allemaal tegen na deze mooie, waardevolle mensen te hebben ontmoet!
Desalniettemin kijk ik goed op ze terug en vind ik daarnaast de betoverende muziek van André, die ik nog nooit heb ontmoet, echt bijzonder mooi.

Geluid is erg belangrijk om te communiceren, maar ook om jezelf in onder te dompelen en van te genieten, zoals muziek je in een andere wereld waant en je mee kan nemen, mee op reis, naar elk concert, in mijn geval klassiek of akoestisch, hoe je het ook wenst.
Muziek is prachtig, zoals het veelzijdig geluid overbrengt en het je kan omarmen en recht kan doen aan elke emotie die jij ervaart, en aan elke emotie die een ander ervaart.

Dat vormt de overdracht van het geluid, elke dag weer,
en daar ben ik elke dag weer dankbaar voor.

(Mijn hoofdtelefoon is de Beyerdynamic DT 880 Edition 250 Ohm, op de foto hierboven te zien)

Delen:

Ontdek meer van Remi Cornelissen

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.