
De illusie van participatie
Het zal rond 2021/2022 zijn geweest dat ik de volgende woorden uitsprak:
‘Wat zal ik eens gaan doen?!
Het voelt alsof ik in een snoepjeswinkel ben!’
Dat ik bij het uitspreken van deze woorden ook nog iets anders voelde, deed er voor mijn gevoel niet toe. Je lichaam registreert geen grijstinten.
Het hoorde: ‘O. Dus wat ik al die jaren gehad heb, is niet langer goed genoeg.’
Daarvoor hoef je niet eens iets uit te spreken. Het zit namelijk in je lichaamstaal.
Dat maakt dat ik me gelijktijdig leeg voelde; ik had mezelf zojuist vriendelijk, maar duidelijk afgewezen…
Neemt niet weg: er zijn situaties, waarbij je het daadwerkelijk anders wilt.
Als je niets hebt, kan het alleen maar beter worden – ook al is dat ook maar een illusie, maar dat is nu niet het onderwerp van gesprek. Mijn lichaam en geest hadden mij vele jaren gered. Waarvan? Van Niets, van Leegte, van Stil Sterven. Het kostte me desondanks geen moeite daar zomaar aan voorbij te gaan. Volgende fase is volgende fase. Het deugde niet meer.
Dat ik ingehaald werd, terwijl ik daar tegenover mijn behandelaar zat…
Ik probeerde dat te negeren.
Dat dat niet volledig lukte, zat hem in de stem die opkwam in mijn hoofd.
Niet de stem van iemand anders; nee, erger nog. Die van mezelf.
‘Was het echt zo erg?’ zei de stem, die me niet met rust liet.
Want was het echt zo erg dat schrijven mij, hoe ziek ik ook was, in leven heeft gehouden?
En was het echt zo erg dat ik elke dag maar weer achter mijn piano kroop om, hoe ziek ik ook was, op te gaan en samen te smelten met mijn muziek?
Ik kan je zeggen dat ik met een heel dubbel gevoel de spreekkamer verliet.
En nog probeerde ik dat te negeren. Het kon alleen maar beter worden! Toch?!
Beter stond hier gelijk aan volwaardig herstel. Dat kon toch onmogelijk slecht zijn…?
Ik had dat zelf verworven (had ik ook eens iets verworven! riep mijn ego op dat moment uit) en was niet van plan dat door een stomme stem weer naast me neer te leggen.
En dus handelde ik naar mijn nieuwe fase.
Ik deed mee in veel groepen. Die van meerdere van boeddhistische aard, ik ben zelfs lijfelijk naar het Boeddhistisch Centrum geweest om mee te mediteren… tot die op het niveau van ervaringsdeskundige, waarbij ik een certificaat heb behaald na training… tot die van vier schrijfcursussen, als het er niet meer waren… Daarnaast nam ik deel aan meetings, zowel online als face-to-face… Ik ben meer dan ooit onder de mensen geweest, dit zonder problemen… ik was allesbehalve afgestompt, ondanks de vele jaren van ziek zijn die eraan vooraf waren gegaan. Niet te vergeten: het samen muziek maken met niemand minder dan de juiste persoon, die naast één van zijn vele mondharmonica’s, ook het juiste warme hart bij zich droeg. Ik heb daarnaast in twee huiskamergroepen gezeten, en ben nog altijd lid van meerdere stichtingen en verenigingen, waarbij de unieke avond met mijn vader niet mag worden overgeslagen. Tijdens die avond verdiende ik de erkenning als schrijver en mocht als nieuwe columnist schrijven voor een stichting, terwijl meerdere ogen hoopvol mijn woorden tot zich zouden nemen.
Ik heb niet stilgezeten, vooral niet als je de angstbehandeling ook nog mee rekent die mijn hele leven in beslag nam. Hoe vaak ik wel niet heb moeten zeggen: ik kan niet, want ik ben in behandeling.
Ik weet niet of het zo werkt, ik schrijf dit op gevoel, maar mijn lichaam had telkens wat meer tijd nodig. Zolang je beweegt en deelneemt, leef je onbewust in de toekomst.
Je spreekt de taal van moet meer en het moet beter, dus ga je ook voorbij aan jezelf.
Je verbrandt, dus je verbrandt ook vele malen sneller. Ik moest en zou gevoed worden met nieuwe prikkels.
Tot er al snel een moment kwam, waarbij ik uitsprak dat ik miste hoe het was.
Ik miste mijn oude ik, het blij zijn met helemaal niets, waarbij mijn woonkamer het enige was dat ik had. Dat heb ik opgevat als een opvallend signaal, toen ik óók dat eenmaal had uitgesproken.
Het leven mocht weer kleiner worden. Pas dan kon ik weer echt gelukkig zijn.
Genieten van de kleine dingen, waaronder het mezelf opsluiten tussen vier muren om mezelf kostelijk te vermaken met mijn vele interesses.
De kunst van het alleenzijn
Het was in 2013 dat er voor het eerst echt aandacht zou komen voor mijn trauma.
Ik herinner me nog dat ik in afwachting was van, en hoeveel spanning me dat opleverde.
Het maakte me bezweet, terwijl ik me vastklampte aan iemand, met wie ik het goed kon vinden. Ik was namelijk als de dood voor één ding: dat ik iets over het hoofd had gezien.
Dat ze zouden zeggen: ‘Remi, je leeft al jaren zo, omdat je…’
De boodschap zou dan zijn: je had dit moeten doen.
Kwetsbaar als ik op dat moment was, had dat me vernietigd.
Lichtelijk in paniek bij die gedachte, verbrak ik de stilte.
‘Ik kon altijd wel goed alleen zijn…’ zei ik.
Ik wist dat ik zijn aandacht had, desondanks benam de stilte die aan bleef houden me de adem.
‘…het is echt pas later geweest dat ik mijn eigen begrafenismuziek uitkoos.’
Even grinnikte ik, hopende dat hij ook zou lachen. Dat was gemakkelijker geweest.
‘Als je die donkere schaduw overal met je meeneemt, dan zit het niet specifiek in het alleenzijn. Toch?’ Zeg iets. Zeg iets!
Het gezicht dat mij aankeek, dacht even na en zei:
‘Het kan goed kloppen wat je zegt, Remi.’
En ik kreeg inderdaad uiteindelijk gelijk.
Eenmaal van de donkerte ontdaan, was ik sindsdien weer graag en probleemloos alleen.
Dankzij mijn alleenzijn heb ik het gered.
Dat impliceert onbewust dat de taak volbracht is. Iets dat niet meer hoeft.
Maar dat is niet waar.
Ik ben nog altijd graag alleen en heb dan echt niemand nodig.
Dat ik af en toe ook naar buiten moet, is helemaal waar. Het doet alleen geen afbreuk aan de eerste waarheid. Het bestaat naast elkaar, en dat moet niet worden vergeten.
Baas boven baas
Laatst betrapte ik mezelf erop dat ik vol bewondering naar iemands systeempje keek.
Zelfvoorzienend is ze, haar terrein helemaal haar specialisme geworden.
Ze is eigen baas en valt eigenlijk buiten het systeem. Maar dat bemerk je niet.
Kort daarna moest ik hardop lachen. Ik ben meer dan ooit zo’n zelfde systeem!
Alleen hoef ik zelfs niet te putten uit maar één ding, wat helemaal prima was geweest als dat zo was. Maar ik heb meerdere dingen om uit te kiezen!
Waarom zou ik mezelf nog kwellen door mee te willen doen?
Ik doe al volop mee door mijn eigen dingen te doen!
Let hier op het subtiele verschil van dag en nacht: onderweg zijn, je bent er nog niet of er al zijn!
Ten eerste: wil ik dat nog wel? Wil ik nog meedoen in het grote systeem?
Zodra ik dan uitval door ziekte, wat niet ondenkbaar is, veroorzaakt dat altijd een zeer pijnlijke teleurstelling, pas nog ondervonden…
Teleurstelling en een gevoelde afhankelijkheid, waarbij ik weer kenbaar moet maken aan de ander dat het zo is en dat met pijn gepaard gaat…
Neemt niet weg: als dat nodig was geweest, is dat wat noodzakelijk is.
Maar het is in mijn geval niet langer nodig.
Ik kan gelukkig zijn, zonder mezelf teleur te hoeven stellen.
Want als je het over lichaamstaal hebt: wat denk je dat dát met me doet??
Datzelfde geldt voor het opdoen van vriendschappen.
Je maakt jezelf gewoon afhankelijk.
En je eigen lichaam gelooft niet wat je zegt, maar hoe je handelt!
Ik ben schoon
Uit de laatste uitslag van 11 februari is gebleken dat ik schoon ben. Geen schadelijke bacteriën meer.
Dat betekent dat ik iets heel erg goed doe.
Meer dan ooit beschik ik over de vrijheid.
Alleen ga ik er zelf continu aan voorbij. Niet langer is dat het geval.
Hoe formuleer je dit:
Ik geniet van al het kleins, maar ondertussen probeer ik zoveel mogelijk mee te doen in het systeem, waar ik eigenlijk niet voor gemaakt ben, maar toch maar doe.
Die twee waarheden kunnen niet naast elkaar bestaan.
Dan leef je niet in het nu en los van welk systeem ook.
Je geniet zelfs niet van al het kleine…
Eerder hardleers ben je dan. Bijna naïef te noemen.
Toekomstgericht.
En nogmaals, was die afhankelijkheid noodzakelijk geweest…
Maar ik heb juist alles in me om er op mijn eigen manier iets van te maken!
Geheel op maat. Benut eens je volledige potentieel.
Ik ben namelijk opnieuw genezen zonder hulp en zonder middelen. Terwijl de behandeling op kon lopen tot 40.000 euro, door mijn ouders zou dat betaald moeten zijn… ben ik genezen met precies 0 euro, van een multiresistente bacterie. Nog geen pil in de bil…
Hoe ik dat gedaan heb?
Door naar mijn lichaam te luisteren.
Het opnieuw serieus te nemen en er niet langer aan voorbij te gaan.
Dat suggereert een heel strikte aanpak, maar niets is minder waar:
Ik heb meer dan ooit geleefd. Ik heb op mijn manier geleefd en ben meer dan ooit vooruit gegaan, heb mezelf middels meerdere schrijfcursussen in de avond(!) ontwikkeld als schrijver, iets wat ik, onder gelijkgestemden, zeer waardevol vond.
Dat is hoe ik voortaan verder ga.
Op mijn eigen manier.
Dat kan een ander niet voor je invullen.
En dat is hier precies de kracht.
De innerlijke kracht die ademt dat ik eigenlijk allang gewonnen heb.
Ik ben niet afhankelijk. Ik doe dit al alle jaren zelf.
Met mijn vele interesses kom ik er wel.
Door naast op zoek naar de juiste mensen, ook alleen te kunnen zijn.
Vanuit het taoïsme forceer je niets.
Wat op mijn pad komt, komt op mijn pad.
Slechts met het behoud van dat wat mij al jaren in leven houdt.
Ik had toen gelijk: mijn manier moet van harte mijn manier blijven!
Ik kijk elke dag weer uit naar wat ik nu weer zal doen.
Mijn camera te benutten op de nieuwe plekken waar ik laatst voor het eerst ben geweest.
Mijn nieuwe elektrische rolstoelsysteem dat mij daar gebracht heeft, wat mij vele nieuwe werelden verschaft.
Dat zorgt voor kalmte. Kalmte die je terugziet in mijn lopen, zoals ik nog altijd strijdbaar ben en zelfs daar het afgelopen jaar volop winst heb geboekt die tot mijn genoegen blijvend is.
Ik ben een tevreden mens zou te min zijn. Ik ben namelijk écht gelukkig!
Volop te genieten van wat ik inmiddels na jaren aankan. Met meer energie is dat een heel verschil.
Je moet leven naar je mogelijkheden.
Dat kan voor de een één ding zijn, waar je zeer bekwaam in wordt.
Ik kijk ernaar uit precies dat te doen:
te leven naar mijn vele mogelijkheden.
Jaren geleden ontving ik van mijn voorgelichte studenten na afloop allemaal dezelfde notities. Op de identieke blaadjes die enkel van hun mooie handschrift verschilden, stond het volgende:
denken in mogelijkheden, niet in onmogelijkheden.
Dat zij dat los van elkaar doorzagen, maakte me dankbaar.
Niet konden zij weten dat dit ook nu nog, in dit huidige jaar, meer dan ooit van toepassing is.
Door te denken in mogelijkheden, verschaf ik mezelf de vrijheid die ik na zware jaren zo verdiend heb. En mijn lichaam? Mijn lichaam luistert door me wederom, voor de zoveelste keer, te genezen op natuurlijke wijze, terwijl er nauwelijks nog oplossingen waren.
Mijn lichaam en mijn geest zijn één. De eindconclusie van dit stuk.
Als ze naar elkaar luisteren, zo blijkt, zijn ze een zeer kloppend geheel dat mij een heel nieuw leven verschaft. En dat is me van harte alles waard!
Alles.
Ontdek meer van Remi Cornelissen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Wat een fijn positief stuk Remi, geweldig om te lezen dat het goed met je gaat, gefeliciteerd kerel! Lieve groet Jan